gebeurtenissen
rond de DELFT
In 1783 wordt 's-Lands Schip van Oorlog DELFT in Delfshaven
te water gelaten en naar Hellevoetsluis gebracht om verder opgetuigd
te worden.
Vroeg in de ochtend van de eerste januari 1787 komt Jan
Schreuder Haringman in Hellevoetsluis als eerste kapitein aan boord.
In juni van dat jaar vertrekt de DELFT naar Denemarken en op 24
december naar Marokko. Doel van de reis is het versterken van de
vriendschapsbanden met de Marokkaanse koning.
Onder het commando van Haringman wordt een begin gemaakt met diverse
zeilexercities. Hierbij wordt al gauw duidelijk dat de DELFT een
verbazingwekkend snel schip is. Handelsschepen van de VOC en de
WIC, die beladen met kostbare lading terugkeren van verre handelsreizen,
worden in de Europese wateren begeleid en beschermd door de DELFT.
Het schip is ook geregeld in de Middellandse Zee te vinden tijdens
een van haar vele patrouille- en vlagvertoonreizen.
Op 31 mei 1793 wordt Theodorus Frederik van Capellen tot
de nieuwe commandant van de DELFT benoemd. Onder zijn commando wordt
het schip ingezet bij het bevrijden van 75 Hollandse slaven uit
Algerije.
Twee jaar later, in 1795, ontslaat het nieuwe, Fransgezinde, Bataafse bewind
alle prinsgezinde officieren. En zo maakt de DELFT kennis met
haar derde commandant, de patriot Gerrit Verdooren van Asperen.
Het is een rommelige periode. Op gezag van de Fransen wordt de
DELFT geheel onttakeld, waarbij onder meer de kanons worden afgezet.
De angst bestaat dat de wapens wel eens tegen de overheersers kunnen
worden gebruikt.
Een paar dagen later wordt het schip echter weer helemaal opgetuigd,
want het is misschien toch wel handig om het in te kunnen zetten
...
In 1797 wordt de DELFT inderdaad ingezet: bij de zeeslag
bij Camperduin.
lees verder op de volgende pagina: LAATSTE SLAG
|