| Recht tegenover het 'Zee-Magasyn'
van de V.O.C., op de punt van de Waaldijk, het 'Oosterhoofd', werd
ruim tweehonderd jaar geleden, in augustus 1782, begonnen
aan de bouw van de DELFT.
Delfshaven anno 1783
Hier werd gevaren en gevist, gesjouwd en gebouwd, graan gemalen
en gestookt. In de schemer van de nacht werden bekers geledigd en
weer volgetapt. Overdag was er het geluid van zagen en schaven van
hout en het 'tjakken' van de bijlen. Op de scheepswerven rook het
naar teer en taan en houtschaafsel.
De
Admiraliteit op de Maze had het jaar daarvoor opdracht gegeven
voor het bouwen van een linie-van-bataille schip [zie
popup] aan de particuliere scheepswerf De Hoog - De Wit in Delfshaven.
De bouw-tekeningen werden gemaakt door Bouwmeester Van Zwijndregt
Paulus-zoon. Tegelijkertijd werd de bouw gestart van haar zusterschip
BRAKEL bij 's-Landswerf tegenover het Noordereiland, één
van de eigen werven van de Admiraliteit.
vaareigenschappen
Gedurende de ontwikkeling van de houten scheepsbouw in Europa bleef
er lange tijd een belangrijk probleem bestaan, namelijk de beheersbaarheid
van de vorm van het onderwaterschip. Die beheersbaarheid was nodig
omdat, om schepen in een gevechtslinie te kunnen manoeuvreren, de
onderlinge vaareigenschappen eender moesten zijn. Er was dringend
behoefte aan standaardisering.
 |
In Rotterdam had Pieter van Zwijndregt Pauluszoon
(1711-1790) hiervoor een geheel
eigen oplossing bedacht in de vorm van een meetkundig controleerbare
en herhaalbare methode om de vorm van de spanten van een schip te bepalen.
Deze was aan te passen aan de gewenste scheepsvorm.
In feite borduurde hij voort op de oude Hollandse 'shell first'
methode, waarbij eerst het grootspant wordt gezet, en daarna de
huid (shell) wordt aangebracht om vervolgens de rest van de spanten
in het schip aan te brengen.
Wat Van Zwijndregt toevoegde was het volgende:
Allereerst ontwikkelde hij een meetkundig controleer- en herhaalbare
methode om de vorm van despanten
van een schip te bepalen. Die ontwerpmethode was flexibel
in die zin dat hij, afhankelijk van het type schip dat gebouwd moest
worden, de spantvorm kon aanpassen. Daarnaast breidde hij het aantal
spanten uit van één tot elf.
Hij zette die elf spanten op gelijke afstand van elkaar op de kiel
door de lengte van het schip over de stevens op te delen in twaalf
gelijke delen. Tussen de voorsteven en spant één zette
hij dan nog een hulpspant en deed dat tevens tussen spant elf en
de achtersteven.
mal
Om de informatie, die nodig is voor een dergelijke wijze van bouwen,
onder te brengen in een overzichtelijk geheel, ontwikkelde Van Zwijndregt
een zogenaamd 'spantenraam' van dertien spanten. Dit werd, samen
met de uitslag (zijaanzicht op schaal) van de voor- en achtersteven,
door Van Zwijndregt de 'Mal' genoemd. Dit is een soort vingerafdruk
van een schip dat alle informatie geeft die noodzakelijk is om tot
de juiste vorm te komen.
Voor de DELFT maakte Van Zwijndregt ook zo'n Mal. Deze constuctie-tekeningen
zijn bewaard gebleven en bevinden zich in het Maritiem Museum 'Prins
Hendrik' te Rotterdam.
De kosten van de bouw van de DELFT
bedroegen indertijd 210.000 gulden.
Reeds na tien maanden, in mei 1783, was het schip gereed.
's-Lands Schip van Oorlog DELFT was 160 voet lang, 45 voet breed en
20,5 voet hol en bood plaats aan ca. 300 'koppen'.
Tekeningen van 18e-eeuwse scheepsbouw op de VOC-werf in Delfshaven: Gerrit Groenewegen - 1754 - 1826 |